100 JAAR HELDENHULDE

1916 - 2016
HONDERD JAAR HELDENHULDE

Halverwege 1916 richtten Vlaamse soldaten aan het Belgische front het Vlaamsgezinde Comité voor Heldenhulde op van “Studenten, Oud-studenten, Hoogstudenten en Oud-Hoogstudenten”, onder leiding van dokter Jozef Verduyn en kapelaan Cyriel Verschaeve.

Dit comité stelde zich als taak een grafsteen, geïnspireerd door het katholieke en Vlaams-nationale gedachtegoed, te plaatsen op de graven van gesneuvelde medestudenten. Het zerkje zou het opschrift AVV-VVK dragen, een vooroorlogs credo uit het katholiek-flamingantische studentenmilieu, toegeschreven aan Frans Drijvers.

Het heldenhuldezerkje werd ontworpen door de schilder en tekenaar Joe English. Joe English werd op 5 augustus 1882 geboren uit een Ierse vader en een Vlaamse moeder. Vanaf oktober 1917 maakte hij deel uit van de “section artistique” van het Belgische leger. Hij stierf voor het einde van de oorlog op 31 augustus 1918 in het hospitaal in Vinkem aan een blindedarmontsteking.

Het heldenhuldezerkje heeft naar Iers voorbeeld de vorm van een Keltisch Kruis. Het opschrift AVV-VVK, bovenaan heeft de vorm van een kruis. Daaronder is de mythische blauwvoet afgebeeld, een verwijzing naar Albrecht Rodenbach. Op eenvoudig verzoek werden deze symbolen weggelaten en vervangen door een JHS-christogram. De zerkjes werden tegen betaling in beton gegoten door een plaatselijke kleine aannemer.

De beschrijving van de steen door kapelaan Cyriel Verschaeve weerspiegelt de geestesgesteldheid waarin het plan opgevat werd: “Ze (de zerkjes) zijn eenvoudig en schoon: ‘t kruis boven op met de leus: ”Alles voor Vlaanderen, Vlaanderen voor Kristus”, daaronder de zwervende vogel van ‘t hoogvliegend ideaal, daaronder nog hun naam (hun naam die een zang is!) en heel onder wat heel van boven zou moeten schitteren en schetteren: HELDENHULDE.

De heldenhulde was een uiting van respect. In een tijd waar een leven niets waard was, waar het doden tot norm was verheven, ontstond heldenhulde. Heldenhulde was een echt en waarachtig initiatief uit het begin van de ontstaansperiode van de frontbeweging. Wars van politieke voorkeur, wars van afkomst, een welgemeende vorm van respect voor de vriend die hun ontvallen was. Was die vriend socialistisch, belgicistisch, Vlaams of Waals, het heldenhuldezerkje was die uiting van respect. De hele compagnie hielp met de financiering Waals en Vlaams. Was er geld over, dan werden er zerkjes geplaatst op de graven van vroegere doden, Waals of Vlaams. Het uiten van respect en het daadwerkelijk handelen, was de belangrijkste drijfveer. Van het flamingantische militante karakter was er nog geen sprake. Dit kwam pas na de eerste reactie, een totaal ongepaste reactie, een totaal misplaatste misdaad tegen de goedheid van het mens zijn.

Op de Belgische militaire begraafplaats van Oeren bij Alveringem werden in de nacht van 9 en 10 februari 1918 de letters AVV-VVK van 38 zerkjes dichtgesmeerd met mortel. De nacht erop werden de dichtgesmeurde letters door Vlaamse soldaten met zwarte verf opnieuw geschilderd.

Op de ministerraad van 20 maart 1918 sprak de premier zijn leedwezen uit over de schokkende grafschennis. Helaas het kalf was al verdronken, de toon was gezet. Door deze reactie werd een neutrale actie een politiek maatschappelijk speerpunt.

Dit is helaas een voorbeeld van het hele verhaal van de Vlaamse beweging. Gerechtvaardigde eisen, gerechtvaardigde vragen, gerechtvaardigde verzuchtingen worden in het beste geval genegeerd, in het slechtste geval worden de ijveraars negatief bejegend en vervolgd. Problemen blijven bestaan, blijven etteren, blijven zweren. Situaties polariseren, standpunten worden harder, tegenstellingen duidelijker. Ogenschijnlijk eenvoudige problemen worden onontwarbare kluwens.

PUBLICATIE HELDENHULDEZERKEN

In dit boek wordt de geschiedenis beschreven van ‘Heldenhulde’, het initiatief van enkele Vlaamse frontsoldaten om hun gesneuvelde makkers een degelijk graf te bezorgen. Hieruit groeide een confrontatie met de Belgische militaire en burgerlijke overheden, die zich tot een eind in de jaren 1930 voortsleepte en ten slotte een dieptepunt kende met de dynamitering van de IJzertoren. Van de honderden graven die er eertijds hebben bestaan, zijn er nog slechts enkele tientallen originele over, naast tientallen kopieën en imitaties.

Het boek is het resultaat van een project dat het ADVN heeft uitgewerkt, in opdracht van het Agentschap Onroerend Erfgoed; daarnaast omvat het project nog een fototentoonstelling en een gegevensbank die via het internet raadpleegbaar zal zijn en die in de loop van de volgende jaren nog verder zal worden aangevuld. De foto’s werden gemaakt door Sam Vanoverschelde, achterkleinzoon van de ontwerper van de heldenhuldezerk Joe English.

Het betreft een reizende fototentoonstelling die vanaf 25 maart 2017 (tot eind april) in het Museum aan de IJzer zal lopen.

Het boek kost € 29,95 en is te koop bij het ADVN, Lange Leemstraat 26, 2018 Antwerpen, info@advn.be, 03/2251837,
en is OOK te koop in het Museum aan de IJzer.

Frank Seberechts (red.), Onsterfelijk in uw steen. Soldatengraven, heldenhulde en de Groote Oorlog,
Antwerpen, Uitgeverij Vrijdag, 2016, 239 p., ill., ISBN 978-94-6001-489-5, € 29,95.
(Met fotokatern van Sam Vanoverschelde)